Op de agenda!

Aannemersfederatie vaart eigen koers bij CAO

Aannemersfederatie Nederland Bouw&Infra is opgericht in 2008 als koepelorganisatie van mkb-bedrijven in de hoofdaanneming (B&U), gespecialiseerde aanneming (GA) en grond-, weg- en waterbouw (Infra). Aannemersfederatie Nederland is een organisatie van 16 brancheorganisaties, die ongeveer 1800 bedrijven vertegenwoordigen met 40.000 werkzame personen. De gezamenlijke omzet van de aangesloten bedrijven bedraagt 3,5 miljard euro.
Eén van de voorgangers van de Federatie was de Confederatie Gespecialiseerde Aannemers (Conga). Conga besloot zelfstandig te blijven toen in 2004 het merendeel van de bij AVBB (de toenmalige federatieve bouwkoepel) aangesloten brancheorganisaties en bedrijven opging in het niet federatieve Bouwend Nederland. Enige tijd daarna sloot Conga een convenant met Bouwend Nederland dat ondermeer recht gaf zetels te bezetten -op titel van Bouwend Nederland- in een aantal aan de sector gelieerde instituties (sociale aangelegenheden, pensioenen, onderwijs). Dit convenant liep af eind 2009.

Uitgesloten
Omdat Conga inmiddels was gefuseerd met een aantal andere brancheorganisaties en getransformeerd tot Aannemersfederatie Nederland, werden door partijen (Bouwend Nederland en Aannemersfederatie Nederland) de mogelijkheden verkend voor voortzetting van de onderlinge relaties, met het oog op de  bouw-cao en de overige bedrijfstak eigen regelingen. In eerste instantie wenste Bouwend Nederland de Federatie niet te accepteren als volwaardige partij bij de cao-besprekingen, hetgeen er in 2009 toe leidde dat de Federatie werd uitgesloten van deelname en later van ondertekening. Deze situatie herhaalde zich in 2010 toen de nieuwe cao voor 2011 aan de orde was. In beide gevallen tekende de federatie bezwaar aan, maar tevergeefs. De bezwaren werden niet ontvankelijk verklaard, op grond van louter kwantitatieve criteria. Het gevolg was dat grote groepen mkb-aannemers geen enkele invloed meer hadden op de arbeidsvoorwaarden van hun medewerkers.
Teneinde deze voor alle partijen onwenselijke situatie op te lossen, besloten Bouwend Nederland en Aannemersfederatie Nederland in het voorjaar van 2010 de onderlinge gesprekken te heropenen. Deze gesprekken hebben tot medio december 2010 geduurd. Omdat Bouwend Nederland bleef vasthouden aan de regisseursrol in alle arbeidsgerelateerde sectorgremia, niet bereid was de Federatie als cao-dragende partij te erkennen en de Federatie het recht ontnam met afwijkende standpunten te komen, restte de Federatie niet anders dan de bakens te verzetten en een eigen koers te varen. In het bestuur van de Federatie van 12 januari 2011 werd besloten een rol als “bijwagen” niet langer te accepteren.
De Federatie is van mening dat het belang van het midden- en kleinbedrijf in de sector onvoldoende wordt behartigd en dat een sterke organisatie voor mkb-bedrijven onontbeerlijk is. De huidige sterk verouderde en veel te gedetailleerde cao, de nog alom aanwezige dirigistische structuur van de bouwkolom, het betalingsgedrag van een aantal grote hoofdaannemers (zeker in de crisisperiode), het aanbestedingsbeleid en de vigerende aanbestedingspraktijk, alsmede de ten gevolge van processtructuur geringe prikkels voor innovatie, pleiten voor een separate behartiging van de belangen van kleine en middelgrote bedrijven. Deze elementen vormen de basis voor de missie en doelstellingen van de Federatie.


Kanttekeningen bij de huidige bouw-CAO
De bouw-CAO is toe aan een grondige revisie. Omdat cao-partijen alleen niet in staat zijn voldoende te moderniseren, zal er een wettelijk kader moeten worden geschapen door de overheid.
Zo pleit de Federatie voor afschaffing van het afspiegelingsbeginsel. Bedrijven moeten hun beste werknemers kunnen behouden. Dit is ook een motivatie voor mindere werknemers meer actualiserende opleidingen te volgen om bij te blijven.
Ter voorkoming van het wegzetten van oudere werknemers moet er tegelijkertijd een ouderenbeleid worden gevoerd met elementen als promotie/demotie, deeltijdpensioen, om- en bijscholing, deeltijd-ww voor ouderen, premieverlichting, etc.
De ontslagtermijn moet worden bekort tot 6 maanden, in welke periode werknemers van werk naar werk worden begeleid. Niet de ontslagvergoeding dient centraal te staan, maar een nieuwe baan. Met een kortere termijn zullen bedrijven sneller werknemers aannemen en worden ontmoedigd flexibele werknemers in dienst te nemen. De Federatie maakt zich voor werknemers, die kunnen en willen, sterk voor een garantie op werk.
De beroepsopleidingen in de bouw worden, meer dan in welke sector ook, goeddeels gefinancierd uit bedrijfstakgelden. Omdat het draagvlak onder deze middelen verdwijnt door de terugloop van vaste werknemers en de toevloed van zzp-ers, alsmede ten gevolge van branchevervaging, zal de financiering fundamenteel moeten worden herzien. Alternatieve vormen van financiering via de overheid, of door middel van een opslag op de opleveringskosten van een bouwwerk, zullen serieus en snel moeten worden overwogen. Vanuit het midden- en kleinbedrijf gezien is een eventuele opslag op omzet te prefereren boven een opslag op de loonkosten.


MKB-CAO
Nu de deelneming van Aannemersfederatie Nederland als dragende partij in de Bouw-CAO definitief door Bouwend Nederland is geblokkeerd, heeft het Federatiebestuur besloten zoveel mogelijk werknemers onder een andere cao dan de Bouw-CAO onder te brengen. Echter zolang de Federatie -op grond van representativiteit- niet in staat is een overkoepelende oplossing aan te bieden, zal de keuze voor een ander cao-traject vooralsnog aan de individuele brancheorganisaties worden overgelaten. Wel hebben de branches unaniem aangegeven te willen komen tot een breed gedragen MKB-CAO.
Deze MKB-CAO moet het aannemen van personeel met een vast dienstverband weer aantrekkelijk maken, maar ook verantwoord zijn met het oog op het ondernemersrisico. In de ogen van de federatie grijpt een MKB-CAO terug op het collectief in een modern jasje en onder strenge voorwaarden, waardoor oneigenlijk gebruik van het collectief door zowel werkgever als werknemer wordt uitgesloten. De MKB-CAO is een Raam-CAO die een aantal mkb-brede elementen met branchespecifieke en bedrijfsspecifieke elementen verenigt en de juiste balans zoekt in het streven naar een eigentijdse mengeling van collectiviteit en individualiteit.
Deze cao zal de huidige trend van flexibilisering van arbeid door ongebreidelde inschakeling van uitzend- en inleenkrachten en zzp-ers moeten doorbreken. Niet de flexibilisering als zodanig is het probleem (flexibilisering van arbeidsrelaties biedt werkgever en werknemer uitstekende mogelijkheden voor individuele wensen en afspraken), maar de grote vlucht die het aantrekken van deze uitzendkrachten en zzp-ers heeft genomen ten koste van de vaste arbeidscontracten.

Flexibilisering
De flexibilisering van arbeid in de bouw en infra is in feite ontstaan als antwoord op de veranderingen in de sociale wetgeving (ziektewet, wao, etc.) en de bedrijfstak eigen regelingen (bijv. Risicofonds) in de afgelopen decennia die tot gevolg hadden dat personele risico’s werden overgeheveld van het collectief naar de individuele ondernemers. De optelsom van deze risico’s leidt voor met name de kleinere mkb-bedrijven tot onverantwoorde risico’s. Een overaanbod aan werk in de bouwsector heeft deze problematiek tijdenlang verbloemd, maar de crisis brengt de risico’s vaak schrijnend aan het licht. Deze personele risico’s moeten weer tot een aanvaardbaar ondernemersrisico worden teruggebracht.
De Federatie is van mening dat flexibele arbeid duurder zal moeten worden dan arbeidskrachten met een vast dienstverband, zoals onder andere in de bouwsector in België is geregeld.
De positie van zzp-ers zal beter moeten worden gereguleerd, met nieuwe rechtsvormen. Het is in Nederland niet mogelijk je te laten inschrijven bij de kamer van Koophandel, terwijl dit vraagstuk door het creëren van aparte rechtsvormen in Frankrijk prima is geregeld.
Voor de Federatie zijn FNV en CNV de natuurlijke bondgenoten. De nieuwe cao en in bredere zin het ontwikkelen van een visie op arbeidsverhoudingen en risicobeheer wenst de Federatie tot stand te brengen in nauwe samenwerking met deze bondgenoten.

Verwachting
De Federatie is van mening dat de voorstellen geheel in lijn zijn met het beleidsaanbevelingspakket van de Europese Unie. De Small Business Act (SBA) en de geformuleerde grondhouding “Think small first”. Met het oog hierop verwachting wij dan ook volop ondersteuning vanuit de politiek. Aannemersfederatie Nederland nodigt aanpalende branches en sectoren uit over een dergelijke MKB-CAO mee te denken, zeker in een tijd waarin werknemers en bedrijven meer en meer te maken krijgen met “cao-grensoverschrijdende” activiteiten en betrokkenen meer en meer geneigd zijn cao’s onderling tegen het licht te houden op werkbaarheid, actualiteit en prijs.